Duinmeertjes

Duinmeertjes

Stuifkuil in de Hargerplas.
Het zand was hier tot op het grondwater uitgestoven, waardoor er af en toe water staat.
De bruine verkleuring komt door ijzer in het grondwater (zie Bellen & rellen/Duinrellen).

Waar de duinen zijn uitgestoven tot op het grondwater ontstaan natte duinvalleien en duinmeertjes.
In de loop van de vorige eeuw is het grondwaterpeil tussen de 1 en 3 meter gezakt waardoor een aantal van deze meertjes en de natte duinvalleien verdwenen. Deze daling werd veroorzaakt door bebossing, verlaging van het polderpeil, het afkalven van de kust, zandwinning aan de binnenduinrand en door onttrekking van drinkwater.

bellen

De Pirolavallei, het waterpeil van het rechter meertje ligt altijd ongeveer 70 cm hoger.

duizend

Strandduizendguldenkruid

Op een aantal plekken komt het zoete water weer boven het maaiveld, vooral waar de beheerder het duin tot iets onder het gemiddelde grondwater niveau heeft afgegraven, bijvoorbeeld bij het Vogelmeer (1963) en de Pirolavallei (1991) waar zelfs te zien is dat de meertjes op verschillende hoogte liggen.

Zo kon daar weer een vochtminnende vegetatie ontstaan en hoort men in het voorjaar veel rugstreeppadden. Het water wemelt in die tijd van de eitjes en larven van padden, kikkers en salamanders. De grootte van deze meertjes varieert ieder jaar doordat het grondwaterpeil in natte jaren hoger is. Na hevige regenval duurt het een tijdje voor het water in de grond zakt, er kunnen dan plassen water in het duin liggen en de waterspiegel van de meertjes ligt boven het grondwaterpeil doordat de bodem verzadigd is van het regenwater.
Op sommige plekken groeit de zonnedauw, die dan met het grondwaterpeil “mee wandelt” zoals dit vaak in het Zandgat en de laatste jaren ook in de Pirolavallei te zien is.
In de zomer van 2003 is strandduizendguldenkruid in en langs de Pirolavallei aangetroffen en bleek de moeraswolfsklauw zich verder uitgebreid te hebben.